De Nobelprijs voor de Vrede 2011 is toegekend aan Ellen Johnson Sirleaf,Leymah Gbowee en Tawakkul Karman.
In de bekendmaking van de prijs van dit jaar verwijst het Noorse Nobelcomité naar het belang van resolutie 1325 van de VN-Veiligheidsraad, waarin geweld tegen vrouwen in situaties van gewapend conflict voor het eerst aan de orde werd gesteld als een zaak van internationale veiligheid.
“Noorwegen heeft inspanningen op dit gebied een hoge prioriteit gegeven,” aldus Jens Stoltenberg.
Ellen Johnson Sirleaf is de eerste democratisch gekozen vrouwelijke president van Afrika. Na haar inhuldiging in 2006 heeft ze de totstandkoming van vrede in Liberia helpen bevorderen en economische en sociale ontwikkeling en de empowerment van vrouwen gestimuleerd.
Leymah Gbowee mobiliseerde en organiseerde vrouwen over etnische en religieuze grenzen heen om een eind te maken aan de langdurige oorlog in Liberia en ervoor te zorgen dat vrouwen aan verkiezingen deelnamen. Ze houdt zich ondertussen bezig met het versterken van de invloed van vrouwen in West-Afrika in conflict- en postconflictsituaties.
Zowel voor als tijdens de Arabische Lente heeft Tawakkul Karman, onder buitengewoon moeilijke omstandigheden, een sleutelrol gespeeld in de strijd voor vrouwenrechten en voor democratie en vrede in Jemen.
De Nobelprijs voor de Vrede wordt elk jaar op 10 december in Oslo uitgereikt.