De jaren zeventig waren een stimulerende en creatieve periode voor het Noorse culturele leven in het algemeen en voor de podiumkunsten in het bijzonder. Van 1970 tot 1980 riep de Noorse staat vijf regionale theaters in het leven. Tegelijkertijd werden de eerste onafhankelijke gezelschappen opgericht door enthousiaste jonge artiesten, die beïnvloed waren door de meer avant-gardistische vormen van eigentijds theater in Europa, in het bijzonder in Oost-Europa en Duitsland. Vandaag de dag vormen de onafhankelijke gezelschappen een populair element van het theaterleven in Noorwegen. De gezelschappen vertegenwoordigen een breed spectrum van podiumkunsten, waaronder theater, dans, fysiek en sfeertheater, kindertheater, vertelkunst, nieuw circus, poppenkast en moderne opera. Vele van deze gezelschappen zijn regelmatig te zien op podia in binnen- en buitenland en een aantal van hen, zoals Jo Strømgren Company, Baktruppen en Grenland Friteater, heeft internationale roem opgebouwd.
In 1977 werd het Danse- og Teatersentrum (de Noorse vereniging van uitvoerende kunstenaars) opgericht, om de belangen van de onafhankelijke artiesten en hun gezelschappen te behartigen. De vereniging is tevens verantwoordelijk voor Norsk scenekunstbruk (het nationale netwerk voor podiumkunsten in Noorwegen), dat de producties van onafhankelijke gezelschappen door het hele land op tournee stuurt. Het nationale netwerk voor podiumkunsten is een distributienetwerk dat hoogwaardige producties selecteert die vervolgens door regionale en lokale aanbieders worden gekocht. Het netwerk wordt door de staat gesubsidieerd en omvat momenteel 16 van de 19 Noorse provincies. Een landelijk initiatief voor professionele kunst en cultuur in het onderwijs, Den kulturelle skolesekken (“de culturele schooltas”), is van start gegaan om ervoor te zorgen dat kinderen in het basis- en voortgezet onderwijs ieder jaar toegang krijgen tot hoogwaardige kunst- en cultuuruitingen van uiteenlopende aard. Het nationale netwerk Scenebruket speelt in dit verband een steeds belangrijkere rol als het erom gaat kinderen kennis te laten maken met professionele podiumkunst.
Het Senter for Dansekunst werd in 1994 opgericht door Norsk Ballettforbund, het Noorse Verbond van dansers, choreografen en danspedagogen, en wordt gefinancierd door het Ministerie van Cultuur- en Kerkzaken. Het centrum houdt zich bezig met de promotie van de danskunst in het algemeen door het verstrekken van informatie over dans aan de media en het publiek.