Klassiek

Het klassieke muziekleven in Noorwegen heeft veel te danken aan componist Edvard Grieg (1843-1907). Hoewel Noorwegen slechts twee jaar voor zijn dood onafhankelijk werd, hebben Griegs composities en concertactiviteiten ervoor gezorgd dat de jonge natie grote bekendheid verwierf binnen de internationale muziekwereld. Het feit dat Noorwegen pas in 1905 onafhankelijk werd heeft een belangrijke invloed gehad op de Noorse muziekgeschiedenis. Vijf eeuwen van weinig blootstelling aan de hoofdstromingen binnen de culturele traditie van de Europese aristocratie en bourgeoisie betekent dat Noorwegen weinig te bieden heeft als het gaat om renaissance- of barokmuziek. Grieg had echter een paar invloedrijke voorgangers. In het midden van de 19e eeuw bouwde Halfdan Kjerulf (1815-1868) een uitstekende reputatie op als componist van pianowerken, liederen en koormuziek.

Eveneens in het midden van de 19e eeuw maakte de grote Noorse vioolvirtuoos Ole Bull (1810-1880) furore in Europa en de VS. Deze twee personen verrichtten baanbrekend werk voor de ontwikkeling van het huidige klassieke muziekleven in Noorwegen. Grieg en Bull zijn hoofdrolspelers op het internationale festival van Bergen, dat zich afspeelt op bijzondere plaatsen zoals het Edvard Grieg Museum en het huis van Ole Bull, Lysøen, en geheel gewijd is aan hun leven en werken.

Ook nu kent het Noorse klassieke muziekleven een aantal hoofdrolspelers, waaronder het Filharmonisch orkest van Oslo, het Filharmonisch orkest van Bergen, het Noorse kamerorkest, pianist Leif Ove Andsnes, cellist Truls Mørk en sopraan Solveig Kringlebotn.

De periode tussen de glorietijd van Grieg en Bull en de huidige topartiesten bracht eveneens een aantal solisten van internationaal kaliber voort, zoals de sopraan Kirsten Flagstad (1895-1962). Noorwegen dankt zijn huidige lichting internationaal vermaarde solisten, ensembles en orkesten aan de investering in de Noorse muziekgemeenschap die in 1970 in gang werd gezet. Eerst werd het openbare muziekonderwijs op poten gezet, vervolgens werd een aantal festivals georganiseerd en werden in de grootste steden van het land concertzalen gebouwd. Het volgende grote project dat in deze categorie gepland is, is de bouw van een nieuw operagebouw in Oslo, waar de Noorse nationale opera haar intrek zal nemen in het voorjaar van 2008.

Noorse componisten hebben het erfgoed van Edvard Grieg door de jaren heen levend weten te houden. Zijn beroemdste erfgenaam was ongetwijfeld Christian Sinding (1856-1941), wiens idioom duidelijk beïnvloed werd door het romanticisme. Zelfs toen de continentale trend in de richting van atonaliteit de Noorse muziek begon te beïnvloeden, bleef een harde kern van componisten de tonale en nationalistische elementen van Grieg gebruiken als bouwstenen voor hun composities. Hiertoe behoren David Monrad Johansen (1888-1974), Ludvig Irgens Jensen (1894-1969), Harald Sæverud (1897-1992), Klaus Egge (1906-1979), Geirr Tveitt (1908-1981), Øistein Sommerfeldt (1919-1994) en Johan Kvandal (1919-1999). De hedendaagse componist die het meest verwant is met deze trend is Ragnar Söderlind (1945-).


Bron: Bron: Het Noorse centrum voor muziekinformatie   |   Delen op netwerk   |   print